Alexander van der Woude

Alexander van der Woude werd op 25 april 1900 in Amsterdam geboren. Hij was de zoon van Louis Hein van der Woude en Dina Iza Kropveld. Alexander volgde de Middelbare Handelsschool en werkte vervolgens enige jaren op een effectenkantoor. In zijn vrije tijd studeerde hij Duits en behaalde achtereenvolgend de akten A en B. Hij trouwde in juli 1931 met Elsiene Helena Kropveld (3 augustus 1909). Zij werkte als stenotypiste en vertaalster.

Alexander van der Woude

Voornaam
Alexander
Achternaam
van der Woude
Geboortedatum
25 april 1900
Geboorteplaats
Amsterdam
Sterfdatum
06 maart 1944
Sterfplaats
Auschwitz

In februari 1931 werd Alexander van der Woude benoemd als leraar Duits aan de Rijks Hogere Burger School in Wageningen. Na hun huwelijk vestigden Alexander en Elsiene zich aan de Veluviaweg 6 in Wageningen, in de directe omgeving van de school. In deze woning werd op 2 juli 1932 hun zoon Louis Hein (Louk) geboren. De tweede zoon Arie Henri werd geboren op 30 september 1933 en overleed op 4 oktober 1933. Op 25 augustus 1934 verhuisde het gezin naar Ericalaan 6. Op 14 februari 1935 werd daar dochter en zusje Henriëtte Frederika (Jettie) geboren.

Alexander was auteur van het boekje ‘Die Reifeprüfung’. Hij stond bekend als een blijmoedig mens. Hij was een uitnemend leraar en een vriend voor zijn leerlingen. Ook buiten de lesuren was hij bereid om zijn leerlingen met raad en daad te helpen.

Op 10 mei 1940 heeft hij met zijn automobiel de te evacueren patiënten van het ziekenhuis naar de haven vervoerd.

Toen Nederland in 1939 mobiliseerde, meldde Alexander zich aan als vrijwilliger. Omdat hij niet militair geoefend was, werd hij bestuurder bij de gemotoriseerde eenheden. Hij was voor 1940 in het bezit van een automobiel, zoals het toen heette. Op 10 mei 1940 heeft hij met zijn automobiel de te evacueren patiënten van het ziekenhuis naar de haven vervoerd.
In november 1940 werd Alexander vanwege zijn Jood-zijn op de HBS ontslagen. Daarna werd hij leraar Duits op het Joods Lyceum in Utrecht. Een klein jaar later, in augustus 1941, mochten Louk en Jettie niet meer naar de openbare school. Omdat de Joodse school in Arnhem te ver was namen de ouders het onderwijs van hun kinderen zelf ter hand. Alexander onderwees Louk en Elsiene deed dat voor Jettie. 's Ochtends ging Jettie de deur uit met een uitbundig: 'Dag, ma!', en kwam even later weer terug met een 'Dag, juf!’. Alexander luisterde bij zijn buurman en collega in het geheim naar de Engelse radio. Altijd ontdekte hij nog een lichtpunt.

Louk en Jettie

Het gezin Van der Woude is in 1942 ondergedoken, ze hebben op verschillende aderessen gezeten. Eerst bij kennissen in Wageningen, daarna onder meer in Zeist en later in Utrecht. Daar zaten ze met z'n vieren op een klein zolderkamertje in de buurt van het station. Hun bezittingen hadden ze voor vertrek links en rechts bij buren ondergebracht. Op de negende verjaardag van Jettie is het gezin, mogelijk door verraad, opgepakt. Pogingen van vrienden om hen vrij te kopen zijn mislukt. Via Amsterdam en vervolgens Westerbork zijn de gezinsleden gedeporteerd.

Het gezin kwam op 21 februari 1944 met een groep van in totaal 76 strafgevallen vanuit Amsterdam aan in kamp Westerbork. Alexander, zijn vrouw Elsiene en zijn zoon Louk werden ondergebracht in barak 67, de strafbarak. Dochter Jettie kwam in het ziekenhuis van het kamp terecht. Met het eerstvolgende transport vertrok het hele gezin op 3 maart 1944 naar Auschwitz. Volgens de gegevens zijn alle vier de gezinsleden direct na aankomst in Auschwitz op 6 maart 1944 vermoord.

Herinneringscentrum Kamp Westerbork
  • Herinneringscentrum Kamp Westerbork
  • Oosthalen 8, 9414TG Hooghalen
  • Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.